❌

Normale weergave

Foto 610: verzin en win

Door: Arjen Vos
1 Augustus 2026 om 10:00

Door: Arjen Vos. Langs de Bilderdammerweg verrijzen momenteel 26 seniorenappartementen die als legoblokjes op elkaar worden gestapeld. Dat de bouw voorspoedig verloopt heeft u onlangs kunnen lezen of kunt u met eigen ogen vaststellen als u er langs rijdt of loopt. Voor de verzin en winopgave van deze week mag u een onderschrift dan wel kop bedenken bij de foto van deze twee mannen die vermoedelijk iets met de bouw van doen hebben. U kent inmiddels onze voorliefde voor foto’s waarop mensen de handen uit de mouwen steken. Niet alleen vanwege de sympathie voor hardwerkende fotomodellen, ook vanwege de inspiratie die u hierdoor krijgt.

(Foto: Jaap Maars)

Gaan we terug naar de foto van afgelopen week dan was het reactieniveau weer hoogstaand waarmee het lezerspubliek werd verwend. Hartelijk dank aan alle inzenders en een eervolle vermelding voor Erna Stahlie die er een oranjefan in WK-bubbel in zag. De Broodjes van de Zaak zijn echter voor Mardina Buis die alle ingrediΓ«nten van de foto samenvatte in: β€˜Vroeger plakten we ze achter het behang…’ Steengoed gevonden Mardina, de tegoedbon komt zo snel mogelijk jouw kant op.

We beginnen weer met een schone lei, het woord is aan u.

Het bericht Foto 610: verzin en win verscheen eerst op AALSMEERVANDAAG.

  •  

Column: β€˜Een Kattukse wethouder’

Door: Arjen Vos
1 Augustus 2026 om 09:00

Door: Dick Piet. Een Kattukker, wat willen we nog meer? En dan ook nog één die Van der Plas heet. Mijn hart maakte een sprongetje, toen ik las dat de VVD de 32-jarige Lennart van der Plas uit Katwijk voordraagt als haar tweede wethouder. Ik denk vele andere Aalsmeerders met mij. Wij hebben immers van oudsher een warme band met de badplaats. Of dat nu nog zo is, weet ik niet, maar vroeger vierde half Aalsmeer hier ’s zomers vakantie.

Mijn vroegste herinnering aan Katwijk is – ik zal een jaar of vijf, zes geweest zijn; jaren ’50 – dat wij er met de boot heen gingen. Nee, geen luxe jacht, maar de schuit van Schuilenburg. Normaliter bracht hij er grond mee naar de kwekers. ’s Zomers verhuurde hij zijn schip als varend vakantieverblijf. Blijkbaar zagen mijn ouders dat wel zitten, met hun hele kroost in het vooronder naar zee. Dus bracht Schuilenburg ons naar de monding van de Oude Rijn.

Onze ligplaats was in de oude vissershaven. Tegenover grauwe gebouwen van de visafslag. Het stonk er een uur in de wind. Om aan wal te komen, moesten we over een wiebelende loopplank. De eerste dag was het meteen raak. EΓ©n van mijn broers duvelde er vanaf en ging koppie onder in het smerige bruine water, waarin riolen uitkwamen. Dat hij niet is verzopen, was een wonder. Maar ging wel aan de racekak, waarmee hij ook de rest van de familie opzadelde.

Dagenlang lagen we met z’n allen ziek en misselijk op matrassen in het donkere ruim van het schip. Of we toen nog naar het strand zijn geweest, kan ik me niet herinneren. Wel dat mijn ouders door al die ongemakken hΓ©lemaal klaar waren met die schuit. Daarom werd de jaren daarop, in navolging van veel Aalsmeerse gezinnen, een huisje gehuurd. In de Te Brittenstraat, van β€˜Opa’ en β€˜Oma’ van der Plas, die zelf in het schuurtje erachter bivakkeerden.

Samen met mijn broertje sliep ik in de bedstee in de woonkamer. ’s Ochtends vroeg werden we gewekt door het geratel van de paard-en-wagen van de groenteboer op de straatkeien. We aten dikke zeebeschuiten. Gortdroog, maar met boter en bruine suiker gingen ze erin als koek. Achter het huis bakte β€˜Opa’ van der Plas scholletjes voor ons. Mijn vader stond er lekkerbekkend bovenop. Thuis aten we nooit vis, omdat mijn moeder er niet van hield. Vreemd genoeg was ze wel gek op gebakken paling met stroop.

Samen met gezinnen van ooms en tantes, klitten we bij elkaar op het strand. Ieder zijn eigen strandhokje. Wat hadden we altijd ontzettend veel lol. En dat wij niet de enige Aalsmeerders waren in Katwijk, was wel duidelijk. Je kon geen stap op het strand of de boulevard verzetten, of je liep plaatsgenoten tegen het lijf. Het rare was, dat als je elkaar in Aalsmeer tegen kwam, je amper groette. Maar in Katwijk was het ouwe jongens krentenbrood.

Zondag was de minste dag van de week. Moesten we naar de kerk. Naar de Oude of Witte Kerk aan de boulevard. De psalmen werden op hele noten gezongen, wat in de altijd stampvolle kerk best machtig klonk. Minder machtig klonk echter de dominee, die voor ons kinderen onbegrijpelijke taal uitsloeg. Zijn preek duurde bovendien ΓΊren. Dacht je dat die was afgelopen, kreeg je een zogenaamde tussenzang, een soort pauzenummer.

Daarna ging de dominee opnieuw van jetje. De hele ochtend was ermee gemoeid. En als je pech had, moest je ’s avonds wéér. Twee keer op zondag naar de kerk, was thuis immers ook de regel. Konden we dan alleen ’s middags naar zee?Β  Vergeet het maar. Op de dag des Heren naar ’t strand was uit den boze. Hooguit een wandeling over de boulevard. En een ijsje? Geen sprake van. Trouwens, die werden in Katwijk op zondagΒ  toch niet verkocht.

Ach, ik heb er geen trauma’s aan over gehouden, hoor. Integendeel. Toen onze kinderen klein waren, gingen wij ’s zomers ook naar Katwijk. En samen met mijn vrouw (die hier haar jonge jaren de zomers ook doorbracht) hebben we later jaarlijks wel een poosje met onze boot in de jachthaven gelegen. Iedere keer als wij in Katwijk komen, vorige week nog naar de toeristenmarkt geweest, voelt als thuiskomen. Dan maak ik ook altijd een nostalgische tour door de Te Brittenstraat.

Afgelopen dinsdag moest ik weer even aan β€˜Oma’ van der Plas denken. Het lieve mens was namelijk op dezelfde dag jarig als ik. Zou onze toekomstige wethouder (op 17 september stemt de gemeenteraad over zijn aanstelling) familie van haar zijn? Wellicht een achter-achterkleinzoon? Nou zijn er in Katwijk minstens zoveel Van der Plassen als in Aalsmeer Pieten, dus dat zou wel heel toevallig zijn.

Op zijn Facebookpagina noemt Lennart van der Plas Aalsmeer β€œeen bloeiende gemeente, die veel overeenkomsten kent met Katwijk, zoals een dorps karakter, een sterk verenigingsleven en een belangrijk heden Γ©n verleden in de bloemen en vis.” Hij heeft al een aantal bezoeken aan Aalsmeer afgelegd en schrijft dat die hem hebben β€œgeΓ«nthousiasmeerd om hier aan de slag te gaan.”

Eindelijk eens een Kattukker die zin heeft om naar Γ³ns te komen, in plaats van andersom.

Dick Piet is journalist. Geeft zijn nieuwsgierigheid al meer dan een halve eeuw de vrije loop in de schrijverij. Schopte het tot hoofdredacteur van de Aalsmeerder Courant. Graaft op papier graag dieper dan anderen in naoorlogs Aalsmeer. Pleziert Aalsmeerders veelvuldig met foto’s van vroeger op platform β€˜Je bent Aalsmeerder als…’ en met nostalgische filmavonden in de Feestweek waarvoor hij koninklijk onderscheiden werd.

Het bericht Column: β€˜Een Kattukse wethouder’ verscheen eerst op AALSMEERVANDAAG.

  •  
❌