Oorzaak botsing tussen twee vliegtuigen op Schiphol bekend
Een piloot die zich niet aan het protocol hield en een moment van onachtzaamheid in Schiphols verkeerstoren. Dat zijn de oorzaken van een botsing tussen twee taxiënde vliegtuigen, op 21 februari van dit jaar. Dit valt op te maken uit onderzoek van de Onderzoeksraad voor Veiligheid.
Het onderzoeksverslag over het incident is opgenomen in de halfjaarlijkse luchtvaartrapportage van de OVV, waarin incidenten in de luchtvaart in de eerste zes maanden van 2026 worden beschreven.
De zogeheten staartbotsing op Schiphols D-pier wordt als kleiner incident beschouwd, onder meer omdat er geen slachtoffers zijn gevallen. De schade was wel aanzienlijk: de staarten van beide KLM Boeings raakten flink beschadigd.
De OVV schetst dat de botsing kon gebeuren door een combinatie van factoren. Een van die factoren is de piloot van de B738-A, die kort daarvoor na een vlucht vanuit Birmingham was geland en richting gate D29 taxiede.
Neus alvast richting gate gedraaid
Omdat het navigatiesysteem voor gate D29 nog niet was geactiveerd, had de piloot zijn vliegtuig haaks op de reeds geparkeerde toestellen (waaronder de gele B738-B) moeten positioneren. In plaats daarvan draaide hij de neus van het toestel alvast richting gate D29.
Daardoor kwam de B738-A in lijn te staan met B738-B. Die positionering leidde ertoe dat de pushback-chauffeur die de B738-B vanuit D54 voor vertrek naar Athene naar achteren wilde duwen de B738-A over het hoofd zag.
Toch is de botsing niet alleen de schuld van de eigenwijze piloot. Ook de verdeling van de verantwoordelijkheden, de onoplettendheid in de verkeerstoren en de inrichting van de D-pier speelden een rol.
Schiphol is opgedeeld in deelgebieden. In de verkeerstoren heeft iedere verkeersleider zijn eigen gebied. Zodra een vliegtuig de grens tussen twee deelgebieden passeert, wordt de verantwoordelijkheid voor dat toestel overgedragen aan de betreffende collega. De piloten worden dan gevraagd te schakelen naar een andere radiofrequentie.
Afwijkende afspraken toegestaan
Toch mogen verkeersleiders afwijkende afspraken maken, en dat is in dit geval gebeurd. De verkeersleider van deelgebied zuid droeg de communicatie met de binnenkomende B738-A bij het passeren van de zuid-noordgrens niet over aan zijn collega van deelgebied noord, maar besloot de communicatie bij zich te houden.
Hoewel de piloten dus van verkeersleider zuid toestemming hadden gekregen om de stemvork (zie hierboven) in te taxiën, maakte de verkeersleider noord daar niet uit op dat de verkeersleider zuid de communicatie bij zich zou houden.
Verschillende frequenties in verschillende deelgebieden
Bovendien communiceren de verkeersleiders van de verschillende deelgebieden op verschillende frequenties met piloten, waardoor ze elkaars communicatie niet kunnen horen.
Op het moment dat de verkeersleider noord de B738-B (richting Athene) toestemming gaf voor de pushback wist hij dus niet dat de B738-A dus al in de stemvork met zijn neus richting de gate stond.
Als hij naar buiten had gekeken, had hij dat wel geweten. Maar omdat hij op dat moment 'op een andere werkplek' bezig was met het verzamelen van verkeersinformatie voor later die ochtend, gaf hij op basis van (onvolledige) kennis toestemming voor de pushback.












