Ook dit seizoen vindt op Paaszaterdag – 4 april deze keer – de strijd om de clubtitels plaats, óók voor de dames. Het bestuur hoopt en verwacht een mooie opkomst: er is concurrentie van andere koersen (Pasen is laat dit jaar) maar het is altijd een mooie koers, en daar doen we het voor. Let even op de aanvangstijden en schrijf je in.
Het programma gaat er als volgt uit zien:
9.30 uur: Inrijden en rugnummer halen Jeugd 10.00 uur: Jeugd: de Jeugd rijdt in drie verschillende categorieën
11.30 uur: alle mannen (Elite/Beloften/Klasse 1 – 5/Nieuwelingen/Junioren/Dames) voor een koers over ca 80 km; (één wedstrijd over 1 uur 45 en 10 ronden, te beginnen met 1 loze ronde) om het Algemeen Clubkampioenschap 2026 en aparte prijzen voor de eerste drie aankomende Dames, en heren 40+ en 50+.
Inschrijving
Schrijf je in via Dit Formulier! En kom met een werkende chip (check dat ook!).
Deelname is gratis!
Wie wordt de opvolger van Wessel Mouris en vele illustere voorgangers (zie erelijst t/m 2023)? .
Op zondag 12 april 2026 staat de 14e editie van de MeentRun in Amstelveen op het programma. Het hardloopevenement biedt afstanden van 1, 5 en 10 kilometer en richt zich op zowel beginnende als...>
Tijdens het Paasweekend van vrijdag 3 april t/m maandag 6 april vertoont Cinema Amstelveen dagelijks vanaf 11.30 uur extra films.
Op de agenda tijdens het paasweekend staan...>
[AMSTELVEEN] Op zondag 12 april staat de 14de editie van de MeentRun op het programma. Op het programma van het hardloopevenement staan de afstanden 1, 5 en 10 kilometer. Het evenement richt zich op zowel beginnende als ervaren lopers. Start en finish zijn bij Ontmoetingscentrum De Meent in Amstelveen. Inschrijven is alleen vooraf mogelijk.
Amstelveen - Op zondag 12 april staat de 14e editie van de MeentRun op het programma. Het hardloopevenement biedt afstanden van 1, 5 en 10 kilometer en richt zich op zowel beginnende als ervaren lopers. Start en finish zijn bij Ontmoetingscentrum De Meent in Amstelveen. Inschrijven is alleen vooraf mogelijk.
Prof. dr ir R. Beunen schreef een position paper ter voorbereiding op een commissievergadering over Lelystad Airport, morgen in de Tweede Kamer. Hij bepleit dat de feiten helder zijn, net als de wet, maar dat de politiek weigert te luisteren. Terwijl de Veluwe kreunt onder decennia van overmatige stikstofdepositie, probeert de overheid een vliegveld te […]
Van een drassig stuk weiland in 1916 tot een van de drukste luchthavens in Europa: het moest het visitekaartje worden van Amsterdam, en dat lijkt redelijk gelukt. In 1926 - op woensdag 1 april, deze week precies 100 jaar geleden - nam Amsterdam luchthaven Schiphol over van het toenmalige ministerie van Oorlog.
Robert Lagendijk heeft als Heritage Officer onder meer het archief van Schiphol onder zijn hoede. Op zijn kantoor in het hoofdgebouw van de luchthaven trekt hij een jas van een kledingrek. "Kijk, dit is een jasje dat vroeger door de havendienst werd gebruikt. Het komt ergens uit de jaren 50, met daarop nog het oude Schiphol-logo."
Wat hij niet op zijn kantoor heeft liggen, maar wel op zijn computer kan laten zien: het document waarmee het Rijk de luchthaven Schiphol overdraagt aan de gemeente Amsterdam. Hij leest voor:
'Bij raadsbesluit van 25 december 1925 wordt door publieke werken een krediet van 1 miljoen en 55 duizend gulden toegestaan ter verbetering en verdere inrichting van de luchthaven Schiphol. En dat vanaf 1 april 1926 het beheer van de luchthaven valt onder de Directie der Handelsinrichtingen van de gemeente Amsterdam'.
Badplaats Schiphol
In september 1916 landden de eerste militaire vliegtuigen op een drassig weiland, praktisch tussen de boerderijen en koeien in de Haarlemmermeer. Dat was toen nog bekend als Vliegkamp Schiphol, of, zo zegt Lagendijk: "Badplaats Schiphol, zo drassig was het. De vliegtuigen zakten ook weg." De Eerste Wereldoorlog was aan de gang, maar Nederland was neutraal, en de militaire functie verdween al snel. Lagendijk: "De oorlog was voorbij, het postvervoer nam toe, het goederenvervoer nam toe, en vanaf 1920 neemt de burgerluchtvaart toe." 1920 is het jaar dat KLM de eerste lijndienst tussen Amsterdam en Londen start. In dat jaar werden er 440 passagiers vervoerd.
In 1926 wordt Schiphol dus gekocht door de gemeente Amsterdam. Voormalig vliegenier Jan Dellaert (1883-1960) wordt aangesteld als havenmeester. Hij betrekt een woning die praktisch op de luchthaven ligt. Lagendijk: "Dellaert liep 's avonds nog met een bezem over het terrein het aan te harken. En hij maakte praatjes met de buren, zorgde dat het er allemaal goed bij lag."
Schiphol als visitekaartje
Vanaf 1926 gaat het hard. Er wordt een betonnen platform aangelegd en de toegangswegen worden verbeterd. "Op een gegeven moment dienen ook de Olympische Spelen van 1928 zich aan," vertelt Lagendijk. "Ze denken dat de luchthaven ook een soort visitekaartje van de stad kan worden." Hij wijst op een foto: "Dit stationsgebouw is speciaal voor de Olympische Spelen gebouwd. Koningin Wilhelmina komt op bezoek, en hier links staat Jan Dellaert. Een bijzonder plaatje."
Tijdens de Tweede Wereldoorlog nemen de Duitsers de luchthaven over en breiden het patroon van landingsbanen uit. De geallieerden bombarderen de luchthaven regelmatig, en vlak voordat ze zich moeten terugtrekken, aan het einde van de oorlog, vernielen de Duitsers Schiphol nog meer. Maar het duurt niet lang voordat het vliegverkeer weer op gang komt. Schiphol blijft vanaf dat moment groeien en groeien.
De basis voor het Schiphol van nu
Lagendijk pakt er een kaart bij. "Dit is een onderzoek dat havenmeester Jan Dellaert vlak na de Tweede Wereldoorlog heeft gedaan. Hij verkent de mogelijkheden voor een nieuwe luchthaven; de mogelijkheden om Schiphol, dat tot de Tweede Wereldoorlog aan de rand lag bij Amstelveen, te verplaatsen naar waar de luchthaven nu ligt. Hij denkt dan ook dat een tangentieel banenstelsel - zo heet dat, zo'n waaiervorm - de oplossing is om vanuit alle windrichtingen aan te kunnen vliegen. En dat is echt de basis geweest voor het Schiphol zoals we dat vandaag de dag kennen."
Van vliegenier tot havenmeester, later directeur en nu in één adem genoemd met vliegtuigpioniers als KLM-oprichter Albert Plesman. Zonder Jan Dellaert had het Schiphol zoals we dat nu kennen waarschijnlijk nooit bestaan. Verwacht wordt dat Schiphol dit jaar meer dan 70 miljoen passagiers gaat verwerken.
De havenmeester bestaat nog steeds. Alleen zijn het er nu elf, onder wie Maarten Bus. Hij is met zijn collega's verantwoordelijk voor de operationele veiligheid en orde op het terrein. "Jan Bellaert is natuurlijk de grondlegger van Schiphol. En eigenlijk treden wij in zijn voetsporen."
Maar dan zonder bezem. "Hij kon gewoon even met zijn laarzen naar buiten lopen. Wij hebben inmiddels echt wel een auto nodig. Maar ik doe het ook nog wel, hoor. Ik ga regelmatig buiten een rondje rijden in onze auto, en mocht ik iets zien dat er niet hoort te liggen, dan raap ik dat ook altijd zelf op."
Mijlpaal
Dat de luchthaven en Amsterdam deze week precies honderd jaar met elkaar zijn verbonden vindt Bus best bijzonder. " Ik vind het wel mooi. Het is natuurlijk een hele mijlpaal, honderd jaar. En als je dan ziet waar we nu staan, hoe groot we zijn geworden, en dat ik daar een rol in mag spelen, dat vind ik zeker mooi."
KLM verkort de opleiding tot vliegtuigmonteur flink: van ruim twee jaar naar negen maanden. Dat kan doordat een afgeschreven Boeing 737 is omgebouwd tot trainingsvliegtuig, waarop studenten sneller en zelfstandiger praktijkervaring opdoen. Daarmee speelt het bedrijf in op het tekort aan goed opgeleide monteurs. Over drie maanden wordt het toestel in gebruik genomen.
Het vliegtuig, dat op 28 maart zijn laatste vlucht maakte, werd met zichtbaar machtsvertoon Hangar 14 binnengereden op het Technisch Areaal Oost, waar KLM Engineering & Maintenance (E&M) is gevestigd, de onderhoudsafdeling van KLM. Daarbij waren onder meer mbo-leerlingen, opleiders en een groep media aanwezig.
Sneller opgeleid
"Met dit vliegtuig kunnen we de opleidingstijd wat verkorten, omdat we dan kunnen zeggen welke taken je moet doen", aldus programmamanager Stefanie Boers, die het project heeft opgezet. Studenten leren op het toestel onder meer hoe ze een wiel verwisselen, brandstofluiken controleren en cockpitmeters vervangen.
Volgens een opleider biedt het trainingsvliegtuig grote voordelen. Doordat het toestel niet meer in de dagelijkse operatie wordt ingezet, kunnen studenten zonder onderbreking oefenen en sneller ervaring opdoen.
Tekst gaat door onder de foto.
Een van de studenten die het van dichtbij meemaakt, is Fabio Kortekaas. Hij staat op het punt zijn opleiding af te ronden en ziet duidelijk de meerwaarde van het trainingsvliegtuig. Terwijl hij verschillende onderdelen aanwijst, legt hij uit waar hij aan werkt.
"Je hebt hier allemaal smeernippels, hier zit de chemiedemper, de torsionlink, bandenwissel", aldus de vliegtuigmonteur in wording.
Voorheen zorgde dat regelmatig voor wachttijd, waardoor het leertraject vertraging opliep. Met het nieuwe toestel kunnen studenten in hun eigen tempo werken.
De eerste groepen starten in juni 2026 met praktijklessen. KLM E&M speelt daarmee in op de groeiende vraag naar vliegtuigtechnici, die de komende jaren verder zal toenemendoor onder meer pensioneringen. Inmiddels heeft het bedrijf ruim duizend nieuwe monteurs aangenomen die binnenkort kunnen starten via de nieuwe opleiding.
Van een drassig stuk weiland in 1916 tot een van de drukste luchthavens in Europa: het moest het visitekaartje worden van Amsterdam, en dat lijkt redelijk gelukt. In 1926 - op woensdag 1 april, deze week precies 100 jaar geleden - nam Amsterdam luchthaven Schiphol over van het toenmalige ministerie van Oorlog.
Robert Lagendijk heeft als Heritage Officer onder meer het archief van Schiphol onder zijn hoede. Op zijn kantoor in het hoofdgebouw van de luchthaven trekt hij een jas van een kledingrek. "Kijk, dit is een jasje dat vroeger door de havendienst werd gebruikt. Het komt ergens uit de jaren 50, met daarop nog het oude Schiphol-logo."
Wat hij niet op zijn kantoor heeft liggen, maar wel op zijn computer kan laten zien: het document waarmee het Rijk de luchthaven Schiphol overdraagt aan de gemeente Amsterdam. Hij leest voor:
'Bij raadsbesluit van 25 december 1925 wordt door publieke werken een krediet van 1 miljoen en 55 duizend gulden toegestaan ter verbetering en verdere inrichting van de luchthaven Schiphol. En dat vanaf 1 april 1926 het beheer van de luchthaven valt onder de Directie der Handelsinrichtingen van de gemeente Amsterdam'.
Badplaats Schiphol
In september 1916 landden de eerste militaire vliegtuigen op een drassig weiland, praktisch tussen de boerderijen en koeien in de Haarlemmermeer. Dat was toen nog bekend als Vliegkamp Schiphol, of, zo zegt Lagendijk: "Badplaats Schiphol, zo drassig was het. De vliegtuigen zakten ook weg." De Eerste Wereldoorlog was aan de gang, maar Nederland was neutraal, en de militaire functie verdween al snel. Lagendijk: "De oorlog was voorbij, het postvervoer nam toe, het goederenvervoer nam toe, en vanaf 1920 neemt de burgerluchtvaart toe." 1920 is het jaar dat KLM de eerste lijndienst tussen Amsterdam en Londen start. In dat jaar werden er 440 passagiers vervoerd.
In 1926 wordt Schiphol dus gekocht door de gemeente Amsterdam. Voormalig vliegenier Jan Dellaert (1883-1960) wordt aangesteld als havenmeester. Hij betrekt een woning die praktisch op de luchthaven ligt. Lagendijk: "Dellaert liep 's avonds nog met een bezem over het terrein het aan te harken. En hij maakte praatjes met de buren, zorgde dat het er allemaal goed bij lag."
Schiphol als visitekaartje
Vanaf 1926 gaat het hard. Er wordt een betonnen platform aangelegd en de toegangswegen worden verbeterd. "Op een gegeven moment dienen ook de Olympische Spelen van 1928 zich aan," vertelt Lagendijk. "Ze denken dat de luchthaven ook een soort visitekaartje van de stad kan worden." Hij wijst op een foto: "Dit stationsgebouw is speciaal voor de Olympische Spelen gebouwd. Koningin Wilhelmina komt op bezoek, en hier links staat Jan Dellaert. Een bijzonder plaatje."
Tijdens de Tweede Wereldoorlog nemen de Duitsers de luchthaven over en breiden het patroon van landingsbanen uit. De geallieerden bombarderen de luchthaven regelmatig, en vlak voordat ze zich moeten terugtrekken, aan het einde van de oorlog, vernielen de Duitsers Schiphol nog meer. Maar het duurt niet lang voordat het vliegverkeer weer op gang komt. Schiphol blijft vanaf dat moment groeien en groeien.
De basis voor het Schiphol van nu
Lagendijk pakt er een kaart bij. "Dit is een onderzoek dat havenmeester Jan Dellaert vlak na de Tweede Wereldoorlog heeft gedaan. Hij verkent de mogelijkheden voor een nieuwe luchthaven; de mogelijkheden om Schiphol, dat tot de Tweede Wereldoorlog aan de rand lag bij Amstelveen, te verplaatsen naar waar de luchthaven nu ligt. Hij denkt dan ook dat een tangentieel banenstelsel - zo heet dat, zo'n waaiervorm - de oplossing is om vanuit alle windrichtingen aan te kunnen vliegen. En dat is echt de basis geweest voor het Schiphol zoals we dat vandaag de dag kennen."
Van vliegenier tot havenmeester, later directeur en nu in één adem genoemd met vliegtuigpioniers als KLM-oprichter Albert Plesman. Zonder Jan Dellaert had het Schiphol zoals we dat nu kennen waarschijnlijk nooit bestaan. Verwacht wordt dat Schiphol dit jaar meer dan 70 miljoen passagiers gaat verwerken.
De havenmeester bestaat nog steeds. Alleen zijn het er nu elf, onder wie Maarten Bus. Hij is met zijn collega's verantwoordelijk voor de operationele veiligheid en orde op het terrein. "Jan Dellaert is natuurlijk de grondlegger van Schiphol. En eigenlijk treden wij in zijn voetsporen."
Maar dan zonder bezem. "Hij kon gewoon even met zijn laarzen naar buiten lopen. Wij hebben inmiddels echt wel een auto nodig. Maar ik doe het ook nog wel, hoor. Ik ga regelmatig buiten een rondje rijden in onze auto, en mocht ik iets zien dat er niet hoort te liggen, dan raap ik dat ook altijd zelf op."
Mijlpaal
Dat de luchthaven en Amsterdam deze week precies honderd jaar met elkaar zijn verbonden vindt Bus best bijzonder. " Ik vind het wel mooi. Het is natuurlijk een hele mijlpaal, honderd jaar. En als je dan ziet waar we nu staan, hoe groot we zijn geworden, en dat ik daar een rol in mag spelen, dat vind ik zeker mooi."
KLM verkort de opleiding tot vliegtuigmonteur flink: van ruim twee jaar naar negen maanden. Dat kan doordat een afgeschreven Boeing 737 is omgebouwd tot trainingsvliegtuig, waarop studenten sneller en zelfstandiger praktijkervaring opdoen. Daarmee speelt het bedrijf in op het tekort aan goed opgeleide monteurs. Over drie maanden wordt het toestel in gebruik genomen.
Het vliegtuig, dat op 28 maart zijn laatste vlucht maakte, werd met zichtbaar machtsvertoon Hangar 14 binnengereden op het Technisch Areaal Oost, waar KLM Engineering & Maintenance (E&M) is gevestigd, de onderhoudsafdeling van KLM. Daarbij waren onder meer mbo-leerlingen, opleiders en een groep media aanwezig.
Sneller opgeleid
"Met dit vliegtuig kunnen we de opleidingstijd wat verkorten, omdat we dan kunnen zeggen welke taken je moet doen", aldus programmamanager Stefanie Boers, die het project heeft opgezet. Studenten leren op het toestel onder meer hoe ze een wiel verwisselen, brandstofluiken controleren en cockpitmeters vervangen.
Volgens een opleider biedt het trainingsvliegtuig grote voordelen. Doordat het toestel niet meer in de dagelijkse operatie wordt ingezet, kunnen studenten zonder onderbreking oefenen en sneller ervaring opdoen.
Tekst gaat door onder de foto.
Een van de studenten die het van dichtbij meemaakt, is Fabio Kortekaas. Hij staat op het punt zijn opleiding af te ronden en ziet duidelijk de meerwaarde van het trainingsvliegtuig. Terwijl hij verschillende onderdelen aanwijst, legt hij uit waar hij aan werkt.
"Je hebt hier allemaal smeernippels, hier zit de chemiedemper, de torsionlink, bandenwissel", aldus de vliegtuigmonteur in wording.
Voorheen zorgde dat regelmatig voor wachttijd, waardoor het leertraject vertraging opliep. Met het nieuwe toestel kunnen studenten in hun eigen tempo werken.
De eerste groepen starten in juni 2026 met praktijklessen. KLM E&M speelt daarmee in op de groeiende vraag naar vliegtuigtechnici, die de komende jaren verder zal toenemendoor onder meer pensioneringen. Inmiddels heeft het bedrijf ruim duizend nieuwe monteurs aangenomen die binnenkort kunnen starten via de nieuwe opleiding.
Het is bijna je verjaardag. Alweer. Heb je dat ook? Dat je net de kaarsjes hebt uitgeblazen en er staat opeens weer een taart voor je neus? Als kind leken de weken eindeloos. Nu vliegen de...>
De maarteditie van Amstel Mare is verschenen. Dit nummer is gewijd aan het 75-jarig bestaan van de Kruiskerk. Aan deze uitgave hebben velen hun medewerking verleend, zowel binnen als buiten de Kruiskerk. Vandaag overhandigde Wim van Groenewoud, initiatiefnemer Kruiskerk 75 jaar, het eerste exemplaar van het maartnummer aan Anita Winter, voorzitter van de kerkenraad. Leden van de VHA krijgen het jubileumnummer thuisgestuurd.
Met ingang van dit nummer is ook de lay-out van Amstel Mare opgefrist en afgestemd op ons nieuwe logo.
Op 22 april 2026 houden wij de Algemene Ledenvergadering. De uitnodiging en agenda zijn meegezonden met Amstel Mare van maart. De stukken voor de ALV komen op deze website te staan.
Het programma is als volgt: 19.00 uur inloop 19.30 uur start Algemene Ledenvergadering 20.00 uur pauze 20.15 uur interactieve presentatie over Zorgvlied
Na afloop van de Algemene Ledenvergadering geeft Paul Hoogers een interactieve presentatie over Zorgvlied. Zorgvlied is een van de bekendste begraafplaatsen in Nederland. De begraafplaats werd aangelegd door de gemeente Amstelveen (Nieuwer-Amstel) en op 1 november 1870 geopend. In 1896 kwam het door een annexatie in Amsterdam te liggen, maar het bleef eigendom van Amstelveen. Het is sinds 2008 een rijksmonument en is inmiddels 17 hectare groot. Zorgvlied was een ontwerp van tuinarchitect Jan David Zocher jr., met latere uitbreidingen van L. van der Bijl, C.P. Broerse en B.J. Galjaard.
Amstelveen - AmstelveenZ.nl duikt op zondagen in het verleden van Amstelveen en toont daarbij foto’s van vroeger. In de 500e aflevering (!) een beeld van een pamflet van de vroeger in deze regio zeer bekende autobusonderneming Maarse & Kroon.
In de Airbus-fabriek in Toulouse wordt gewerkt aan de nieuwste vliegtuigen van KLM: de A350. Voor technisch vertegenwoordiger Chris Artmanni uit Beverwijk is het een bijzonder proces, dat hij van begin tot eind van dichtbij meemaakt.
In de gigantische Franse hangaar wordt hard gewerkt aan het eerste vliegtuig, dat in augustus opgeleverd moet worden. Hoewel het er nu nog uitziet als een fabrieksvliegtuig - alleen de staart heeft de kenmerkende kleuren - vindt Artmanni het al prachtig.
Stoelen en schermpjes testen
De Beverwijker is namens de luchtvaartmaatschappij deze maanden aanwezig in de fabriek om te controleren of alles goed verloopt. En dat betekent: overal bovenop zitten.
"De vleugels ga ik vanmiddag controleren op de bevestiging. Kijken of er enige beschadigingen zijn. Het blijft mensenwerk, de jongens kunnen uitschieten en krassen moeten dan behandeld worden", legt hij uit.
"Daarna komt er natuurlijk een heel uitgebreide cabinecheck, das ook heel veel werk. Dan gaan we alle stoelen en alle displays testen."
Nieuwe vloot
De 62-jarige Artmanni werkt al 41 jaar bij KLM en nadert zijn pensioen. In die tijd sleutelde hij aan vrijwel alle grote toestellen, van de DC9 en Fokker 27 tot de Boeing 747 en 737. Toch springt dit vliegtuig eruit.
"Ik moet wel eerlijk zeggen dat dit het mooiste vliegtuig is dat ik heb gezien. En dan praat ik over techniek, de vorm en nieuwe materialen. Die A350 is wel een beetje mijn kindje geworden. Ik zie 'm eigenlijk een beetje geboren worden."
De Airbus A350 is een vliegtuigtype dat Schiphol omarmt. De luchthaven verhoogde haar havengelden voor oudere, vervuilende vliegtuigen, maar voor dit type is het tarief lager.
Momenteel wordt door NH gewerkt aan een aflevering van het luchtvaartprogramma NH Airtimeover dit nieuwe type vliegtuig. Hoe reageren omwonenden op de A350, en draagt die innovatie echt bij aan minder geluidsoverlast, of is het vooral een manier om groei van Schiphol mogelijk te maken?
De uitzending is op 27 april te zien op onze tv-zender om 17.10 uur.
Het Poëziecafé van de bibliotheek wordt op donderdag 16 april van 19.30 tot 21.00 uur (inloop 19.00 uur) gehouden in Museum JAN aan de Dorpsstraat 50. Daar is de tentoonstelling te zien van beeldend kunstenaar Roos Holleman, in wier werk deze editie van het Poëziecafé in het teken staat.
De expositie toont een groot aantal monumentale pasteltekeningen naast bestaand werk.
Natuur vormen
Holleman is gefascineerd door de verstrengelde relatie tussen mens en natuur. Haar vraag is steeds: hoe wij de natuur vormen en hoe zij ons vormt? Haar tekeningen tonen een omgeving die geen achtergrond is, maar eerder een spiegel, vergankelijk en teder. De sterke inzoom op de veren van motten- en vogelvleugels, gecombineerd met het poederachtige pastelkrijt, maakt Hollemans werk tactiel en verleidelijk. Men wil het aanraken.
Gedicht
Deelnemers aan het ‘café’ wordt gevraagd een gedicht te schrijven en voor te dragen over de mot, maar luisteren in het museum kan ook. Degenen die een gedicht willen voordragen wordt gevraagd zich te melden via m.de.vries@debibliotheekamstelland.nl
Cor Aarts, Koningsdag 2014 in Amstelveen met koning Willem-Alexander en koningin Maxima. Bedroefd hebben wij kennisgenomen van het overlijden van onze oud-voorzitter Cor Aarts (92). Cor was jarenlang bestuurslid van de stichting die vandaag bekend is als Stichting Amstelveen Oranje, voortgekomen uit de vereniging tot viering van nationale feestdagen. Sinds 1948 zet deze organisatie zich in voor de viering van Koningsdag en de herdenking en viering van 4 en 5 mei. Binnen het bestuur vervulde...