Het geluidsbedrog van Schiphol: luchtvaartbeleid op instorten na RIVM-rapport
De publicatie van het RIVM-rapport 2026-0054 met de titel 'Hinder en slaapverstoring van vliegtuiggeluid in 2024' slaat in als een meteoriet in het Nederlandse luchtvaartlandschap. Het rapport levert het onomstotelijke bewijs van de decennialange moedwillige onderschatting van gezondheidsschade voor omwonenden.
Wie dacht dat het ministerie van Infrastructuur & Waterstaat na jaren van bagatelliseren eindelijk bereid was de gezondheidsrisico’s van luchtvaart serieus te nemen, komt bedrogen uit.
De vernietigende uitspraak van de Raad van State van 11 maart 2026 maakte een einde aan het jarenlang gedoogde luchtvaartbeleid rond Schiphol. Het tussen‑LVB is ongeldig verklaard en het maximum van 478.000 vluchten bestaat niet meer. Het LVB uit 2008 is weer leidend.
Een notitie van luchtvaartadviesbureau To70, opgesteld als bijlage bij het nieuwe LVB2026, laat zien hoe het ministerie de deur naar groei van Schiphol opnieuw openzet. Niet omdat de hinder afneemt in de leefomgeving, maar omdat rekenmodellen dat zouden toelaten.
Een grote stapel interne documenten uit het ministerie van Infrastructuur (I&W) toont een zorgwekkend beeld van de besluitvorming rond Schiphol. Uit de stukken blijkt het ministerie intern te worstelen met technische blunders, politieke druk en een vliegindustrie die de koers van het beleid dicteert.
Het ministerie van Infrastructuur presenteert de nieuwe grenswaarden voor Schiphol als een stap richting betere rechtsbescherming voor omwonenden. Maar het is vooral een zorgvuldig geconstrueerde papieren werkelijkheid die weinig te maken heeft met de dagelijkse hinder rond de luchthaven.